Barry Kraakman
Barry Kraakman 6 jul 2015

Onzichtbare apps: waar zijn ze gebleven?

Ruim een jaar geleden verscheen op TechCrunch een veelbelovend artikel over de opkomst van zogenaamde ‘onzichtbare apps’: applicaties die op de achtergrond leven en op basis van context en sensoren dingen doen voor we het ze vragen. Anno twintigvijftien zijn er echter nog steeds geen applicaties die onze lunch bestellen of een Uber regelen op het moment dat we teveel hebben gedronken. Hoe komt dit?

Privacy

Één van de grootste obstakels is privacy. Om dergelijke apps hun werk goed te laten doen, hebben ze toegang nodig tot veel informatie, waaronder gevoelige. Waar alle wetgeving omtrent de locatie-data bijna is afgerond, moet dit nog gebeuren voor informatie van andere sensoren. En duurt dus nog wel even. Daarnaast twijfelen gebruikers vaak toestemming te geven aan applicaties om gevoelige informatie te gebruiken, omdat men niet weet of deze data wel veilig wordt opgeslagen. Dit heeft als gevolg dat ontwikkelaars op hun beurt weer minder snel beginnen aan een applicatie die deze data nodig heeft om goed te functioneren.

Accuduur

Ten tweede gaat het gebruik van sensoren ten koste van de accu. Mensen die navigatiesoftware op hun smartphone gebruiken zullen hier alles vanaf weten. De impact op de accu bij gebruik van sensoren is tegenwoordig een stuk minder groot, maar voor een zo efficiënt mogelijk gebruik van de energie is het nodig om de applicatie te optimaliseren. Een tijdrovende klus, dat voor ontwikkelaars of kleine bedrijven vaak niet rendabel is, en dus niet doen.

API

Het is voor ontwikkelaars echter niet makkelijk om sensoren van smartphones aan te spreken. Zowel iOS als Android beschikken over verschillende API’s die ontwikkelaars moeten implementeren voor de sensoren daadwerkelijk aangesproken kunnen worden. Omdat de documentatie gering is, is het voor ontwikkelaars vaak onduidelijk welke API de juiste is voor het gewenste doel. Net als het optimaliseren voor de impact die de app op de accu heeft, kost ook het uitzoeken van de API’s vaak teveel tijd voor de wat kleinere spelers op de markt.

Van data naar intelligentie

Na het verwerken van de API’s leveren deze ruwe data: coördinaten voor de locatie bijvoorbeeld. Om een beweging te begrijpen komen er dus duizenden regels aan coördinaten binnen die allemaal moeten worden verwerkt. Het omzetten van deze data tot een ‘intelligente’ applicatie is dus niet gemakkelijk.

Utiopia?

Er zitten dus nogal wat haken en ogen aan het fenomeen onzichtbare apps. Zo kost het een ontwikkelaar veel tijd en moeite om een goedwerkende applicatie in elkaar te zetten, terwijl de gebruiker vaak niet alle benodigde data deelt. Hoewel de intelligente, onzichtbare apps voor velen als een welkome functie klinken moet er dus nog wel wat gebeuren voordat deze mainstream worden. Hoe lang dit gaat duren? De tijd zal het leren.

Reageer op artikel:
Onzichtbare apps: waar zijn ze gebleven?
Sluiten