Mijn USB-C-kabel gaat nooit meer kapot omdat ik dit doe

Tech Rik Claessen Vandaag
Leestijd: 3 minuten

USB-C is eindelijk overal de norm. iPhones, Androids, laptops, PlayStation 5-controllers; bijna alle apparaten in mijn huis kan ik opladen en koppelen met een USB-C-kabel. Deze massale overgang naar USB-C werd door de Europese Unie verplicht, vandaar dat ook Apple is overgestapt. Het moet gebruiksgemak voor gebruikers vergroten en de hoeveelheid elektronisch afval verkleinen.

Dat verhaal kennen we inmiddels allemaal. Toch betrap ik mezelf erop dat ik om de haverklap een nieuwe USB-C-kabel moet kopen. Gelukkig zijn ze vrijwel overal te krijgen. De kwaliteit verschilt wel enorm. En precies daardoor moet ik zo vaak een nieuwe kopen. Nu ik doorheb waarop je het kaf van de koren kan scheiden wat USB-C-kabels betreft, koop ik nauwelijks meer een nieuwe kabel.

Het geheim achter de perfecte USB-C-kabel

USB-C-kabels kun je overal kopen. Van elektronicazaken tot aan de kassa in de supermarkt. Ik geef eerlijk toe dat ik niet altijd even kritisch was op de kwaliteit van zo’n kabel. Het zou wel goed zitten, toch? Helaas moest ik bijna iedere maand een nieuwe kabel kopen omdat de vorige het begaf. Het lag niet aan mijn gebruikswijze, dat wist ik zeker. Ik ben er zuinig op, ik dompel ze niet onder in water, trek er niet aan of wat dan ook. Ik besloot een duurdere USB-C-kabel te kopen, een zogeheten ‘braided cable’. Deze gaat nu bijna een jaar mee en sindsdien heb ik geen nieuwe kabels meer hoeven kopen.

Mijn USB-C-kabel gaat nooit meer kapot omdat ik dit doe
Een standaard rubberen USB-C-kabel (afbeelding: Unsplash / Mac Care)

Een braided cable, ofwel een gevlochten kabel, is eigenlijk precies wat je denkt dat het is. Deze kabels zijn duurzamer, steviger en en ze gaan aanzienlijk langer mee dan de standaard varianten, die doorgaans van rubber worden gemaakt. In plaats van een enkele behuizing rondom de belangrijke draad van de USB-C-kabel, wordt de elektronica bij een gevlochten kabel beschermd door meerdere laagjes. Deze laagjes zijn om de draad heen gevlochten.

De USB-C-kabel heeft dus een sterkere behuizing. Dat merk je direct. De kabels zijn een stuk zwaarder, iets groter en ogen wat luxer. Omdat de behuizing sterker is, is de kans op knikken in de kabel een stuk kleiner. Ook is de kabel lastiger doormidden te krijgen. Ideaal als je bijtgrage huisdier de draad in zijn klauwen krijgt.

Is een gevlochten kabel het geld waard?

Een USB-C-kabel die gevlochten is, is wel wat duurder dan de kabeltjes die bij de kassa hangen. In mijn ogen is die prijs prima te verantwoorden. Je betaalt immers voor een betere kwaliteit. Ik durf zelfs te stellen dat deze kabels je op den duur geld besparen. Je hoeft uiteindelijk minder vaak een nieuwe kabel te kopen. Bovendien is de prijs niet overdreven. Op sites als bol.com vind je er bijvoorbeeld al eentje voor zo’n 12 euro. Dan is het ding ook nog eens 2 meter lang.

Wat te doen met al die oude kabels? Weggooien is zonde en gaat lijnrecht in tegen het voornemen van de Europese Unie om elektronisch afval te verminderen. Zelf heb ik besloten deze kabels nog gewoon te gebruiken, totdat ze het begeven. Wanneer het moment daar is, koop ik er een gevlochten kabel voor in de plaats. De enige uitzondering op dit voornemen: de kabels die ik het meest gebruik heb ik direct vervangen. Voor mij waren dat de kabel van mijn smartphone en de kabel in mijn auto waarmee ik Apple Carplay gebruik.

De ‘oude’ kabel van mijn smartphone bewaar ik als reserve. Zo’n extra kabel bij de hand hebben is altijd handig. Nu heb ik deze standaard in mijn tas zitten. Dan is dat massale overstappen naar USB-C toch wel erg handig. Waar je ook bent, als je een USB-C-kabel bij de hand hebt, moet er een hele hoop elektronisch gedoe wel lukken.

Foutje gezien? Mail ons. Wij zijn je dankbaar.

Het beste wat tech en culture te bieden heeft 🚀

De laatste ontwikkelingen iedere vrijdag in je mailbox? WANT houdt je op de hoogte!

Onderwerpen